Vanaf circa 2000 v.Chr. trokken mensen van de kleine dorpjes naar de stad waar men toen al paleizen bouwde voor de koningen. Opbrengsten uit de handel in landbouwproducten werden gebruikt voor het bouwen van een sterke vloot. Deze vloot zorgde ervoor dat Kreta niet werd aangevallen, maar Kreta zelf vertoonde ook geen interesse in krijgszuchtige handelingen. Het instituut 'koning' werd ingesteld om op gelijke voet met vorsten en farao's te kunnen onderhandelen. Vrouwen speelden waarschijnlijk een belangrijke rol in deze beschaving.
Samengevat was het een vreedzame beschaving met veel gevoel voor schoonheid en cultuur.