In 1645 landden na een aantal eerdere aanvallen de legers van de Turkse sultan op West-Kreta. Al snel vielen alle steden ten prooi aan de Turken, behalve
, dat twintig jaar standhield. Door gebrek aan hulp vanuit Europa moesten de Venetianen zich echter overgeven en werd uiteindelijk de vrede getekend. De Turkse tijd zou een zeer zware periode worden voor de Kretenzers. Kreta werd verdeeld onder een aantal pasja's. Boeren werden verplicht werkzaamheden te verrichten en moesten hoge belastingen betalen.
Ook werden de Kretenzers gedwongen zich tot de islam te bekeren, waardoor men genoodzaakt was om in het geheim het christelijke geloof aan te hangen. En wie geen islamiet was kon ook geen enkele functie bekleden.
In 1692 volgde weer een opstand met steun van Venetië, dat samen met andere landen tegen de Turken vochten. Deze oorlog werd gewonnen door Venetië en haar bondgenoten, maar Kreta bleef Turks en boette zwaar voor zijn opstandigheid. In 1770 kregen de Kretenzers hulp van de Russen die ook al een oorlog uitvochten met de Turken. Bij het vredesoverleg bleef Kreta echter toch weer Turks grondgebied. In 1821 kwamen de Grieken op het vasteland in opstand tegen de Turken, gevolgd door Kreta. Turkije nam echter weer bloedig wraak door de elitetroepen van Turken, de Janitsaren. De strijd in Griekenland verliep wisselend succesvol voor het steeds verder in verval rakende Osmaanse rijk. Turkije riep daarom de hulp van Egypte in en in 1824 landden Egyptische troepen op Kreta. Op het vasteland verloren de Turken de strijd maar Kreta viel erweer erbuiten. De Turkse sultan schonk het eiland aan de Egyptenaar Mehmet Ali maar in 1841 vertrokken de Egyptenaren weer doordat ze inmiddels ook een oorlog tegen de Turken voerden en die verloren.
Kreta kwam nu weer onder rechtstreeks bestuur van de Turkse sultan. In 1856 werd op Kreta godsdienstvrijheid ingevoerd. Tot de islam 'bekeerde' Kretenzers bleken opeens nog veel christelijker te zijn dan de Turken dachten. Er volgde weer een tijd van onderdrukking die in 1866 zorgde voor weer een opstand, waarbij de Kretenzers aansluiting eisten bij Griekenland. In 1876 wisten de Kretenzers een groot gedeelte van het eiland te bevrijden doordat de Turken in oorlog waren met Rusland.
In 1879 werd er onder druk van de grote mogendheden het Verdrag van Halepa gesloten. Hierin werd onder andere geregeld dat het Grieks de tweede taal werd op Kreta en dat de Kretenzers niet meer in het leger van de sultan hoefden te dienen. Politieke meningsverschillen leidden ertoe dat de conservatieven weer aansluiting zochten bij Griekenland. De reactie van de Turken was voorspelbaar: verdere onderdrukking en vervolging van christenen. In 1896 braken er onlusten uit in
Chania. Nu grepen de Britten in en de Turken werden gedwongen weer wat concessies te doen. Deze werden echter niet opgevolgd waarna er weer een opstand volgde die door de Turken beantwoord werd met een massamoord op de burgers van Chania.
Bron: Landenweb.net